Platform Theaterauteurs

Onafhankelijk platform voor Nederlandstalige toneelschrijfkunst


Welkom

 

Nieuws

 

Agenda


Welkom op de archiefsite van het Platform Theaterauteurs. Op deze site wordt een overzicht geboden van alle PTa–activiteiten van 2002 tot en met 2009. Onder veelgestelde vragen is informatie te vinden over onder meer (de financiering van) schrijfopdrachten, toneelschrijversinitiatieven en –organisaties. Hiernaast wordt toelichting gegeven op de actuele stand van zaken rond PTa.




- Marian Boyer

 

UITREIKING VVL PENNING 2010


Dames en heren,

Het is mij een plezier en een eer, dat ik vandaag de jaarlijkse VvL–penning mag uitreiken. Zoals u weet is de penning een ‘blijk van waardering bedoeld om mensen (of instellingen) te eren die, al of niet op eigen initiatief, iets ondernemen of presteren dat schrijvers en/of vertalers ten goede komt, en daarvoor naar de zin van de VvL te weinig publieke waardering krijgen.’ Het is dit jaar de vierde keer dat de penning wordt uitgereikt. Elk jaar weer krijgt het VvL bestuur een flink aantal nominaties binnen. Die voordrachten worden gedaan door leden van de VvL. Het zijn vaak uitgebreide, gloedvolle betogen, waaruit het moeilijk kiezen is. Er zijn gelukkig veel mensen en instellingen die de penning eigenlijk eens zouden moeten krijgen.

Dit jaar gaat de penning naar het Platform Theaterauteurs, in de persoon van Marian Boyer, oprichtster en artistiek leider. Het is helaas een, laten we zeggen halfpostume onderscheiding, want het Platform zoals het van 2002 tot 2009 heeft bestaan, is er niet meer.

Voor ik aan de eigenlijke laudatio begin – laudatio klinkt, vind ik altijd, alsof je moet gaan zingen, maar dat zal ik niet doen – voor ik aan de lofrede begin, wil ik, voor wie daarvan niet op de hoogte is, een kleine karakterisering geven van het werkveld van de Nederlandse theaterauteur. Je zou kunnen zeggen dat de autonome toneelschrijver in Nederland niet bestaat. Het theater in Nederland kent een regisseurscultuur. Het is misschien een beetje ongenuanceerd, maar de regisseur bepaalt de gestalte van de voorstelling, en de schrijver is daar, net als de acteurs en de vormgevers, dienstbaar aan. Het respect voor de tekst op zichzelf, voor het woord zoals het geschreven is, dat bijvoorbeeld in Groot-Brittannië en Duitsland vanzelfsprekend is, bestaat hier niet.
Het komt nauwelijks voor, dat een nieuw stuk zijn weg naar het podium vindt zonder dat daar een opdracht en – soms vergaande – bemoeienis van de regisseur aan vooraf is gegaan. Daar komt in toenemende mate bij, dat wat er geproduceerd wordt, handel is. De zaal moet vol, zeker als het een grote zaal is. Marketing drukt steeds meer een stempel op het repertoire, en dat geldt voor zowel de vrije producenten als het gesubsidieerde circuit.

In dit landschap dook in 2002 een clubje op dat zich aanvankelijk tooide met de naam ‘Platform Onafhankelijke Theaterauteurs’. Dat ‘onafhankelijk’ is ergens onderweg uit de naam verdwenen, maar, voorzover ik kan zien, niet uit het karakter van het PTa. Als een hond in hoog gras, draaide dat clubje zich een eigen nest – het creëerde zijn eigen niche, heet dat bij echte mensen.

Geboren uit de behoefte aan uitwisseling van kennis en ervaring tussen theaterschrijvers onderling en aan verbreding van het contact met de afnemers, ontwikkelde het Platform zich tot een vrijplaats voor de toneelschrijver en de toneelschrijfkunst. Schrijver en tekst stonden altijd centraal. Het Platform zocht steeds de samenwerking, wierf breed publiek en was volkomen open over zijn werk. Het had al gauw een uitstraling naar het hele theaterveld.

Het Platform organiseerde onder meer de jaarlijkse Toneelschrijfdagen, waar workshops, spreekbeurten en tekstlezingen het programma vormden. Het nam zowel ervaren als beginnende schrijvers onder zijn hoede door niet alleen een werkbeurs te verschaffen, maar ook begeleiding op maat aan te bieden en bemiddeling bij het uitgevoerd krijgen van een nieuwe tekst. Een bijzondere verdienste is, dat die bemiddeling vaak succesvol was. Veel van de in opdracht van PTa geschreven stukken vonden hun weg naar het theater. Het Platform legde zijn bevindingen en resultaten vast in liefdevol uitgegeven publicaties, de ‘BoekWerken’.

Deze verdiensten zijn in de ogen van het bestuur meer dan voldoende om de VvL-penning te krijgen. Maar ik wil daaraan een persoonlijke observatie toevoegen. Ik heb het Platform tijdens zijn bestaan van een afstandje gevolgd. Een enkele toneelschrijfdag bijgewoond, me op de hoogte gehouden van wie er met een beurs aan het werk waren, dat soort dingen. Wat mij daarbij als bijzondere kwaliteit is opgevallen, is de rust die van het Platform uitging. Je kon het bijvoorbeeld zien in de esthetische, maar totaal niet opzichtige vormgeving van hun drukwerk en hun electronische communicatie. Je kon het zien aan de manier waarop gasten ontvangen werden tijdens de openbare bijeenkomsten. Je kon het vooral zien aan de manier waarop met schrijvers tijdens het schrijfproces werd omgesprongen. Met ingebouwde momenten van uitproberen, waar schrijvers met acteurs op een zachtaardige manier onderzochten hoe een tekst werkt. Een mooi stuk werd gepresenteerd als het product van arbeid en aandacht, en niet als ‘Het Spectaculaire Debuut’ van Zus–en–Zo. Zus–en–Zo hoefde niet ‘Het Talent van De Eeuw’, of ‘De Nieuwe Huppeldepup’ te zijn. Zus-en-Zo was aan het werk.
Ik vond en vind dat een teken van wijsheid en vakmanschap. Rust, inkeer, rijping, gewoon wachten zelfs, zijn in mijn ogen onmisbare ingrediënten van het schrijven.
Al is het Platform er niet meer zoals het was – de subsidiëring van rijkswege werd stopgezet – de niche die het gecreëerd heeft, is bewaard. Het Platform heeft hard gewerkt om zijn nalatenschap zeker te stellen. Om er één ding uit te lichten: de nieuwe werkbeursregeling voor theaterauteurs van het Fonds Podiumkunsten, een mooie, ruimhartige regeling, hebben wij aan Marian Boyer en het Platform Theaterauteurs te danken.


 








PTa - projecten - opdrachten - auteurs - publicaties - contact - PTa-zine

webdesign: de Nachtzuster